U bent hier

 

Actualités. Nieuws.

24/02/2014
Waar het gezicht van Brussel zal veranderen
Interview met de voorzitter van het ATO
In het laatste nummer van Dynamiek (februari 2014, maandblad van BECI, blz 12-13) is een speciaal dossier ‘Vastgoed en stedenbouw’ opgenomen. Daarin staat onder andere een artikel over de prioritaire zones in Brussel. Enkele fragmenten uit het interview met Yves Goldstein, voorzitter van het ATO. 
 
Het agentschap biedt ruimte voor gesprek en debat, zegt hij: “De raad van bestuur is een goede plaats om van gedachten te wisselen, want daarin zitten vertegenwoordigers van de regering en van alle gewestelijke besturen die van nabij of van ver met het grondgebied te maken hebben – Citydev, Haven van Brussel, installaties, mobiliteit, enz. – en vertegenwoordigers van de gemeenten. Dat maakt een grondig debat mogelijk”, zegt Yves Goldstein.
 
Het ATO was zeer nauw betrokken bij het voorbereidingswerk van het GPDO. Dat plan definieert zeven prioritaire zones: Reyers, Josaphat, Heizel, Thurn & Taxis, Schaarbeek-Vorming, Kanaal en de Hippodroom van Bosvoorde. Zeven gebieden waarin de ontwikkelingsmogelijkheden worden versterkt binnen de context van de bevolkingsgroei in het gewest. “Om die aan te kunnen, moet er van de overheid een antwoord komen voor de bestemming van de gronden en het grondgebied; en er moet vooral een zo doeltreffend mogelijk operationeel antwoord komen om ervoor te zorgen dat deze dingen van de grond komen. Voor ons is het van fundamenteel belang dat deze zones worden gemobiliseerd om ze toe te wijzen aan prioriteiten zoals huisvesting, openbare ruimte en voorzieningen.
 
Het plan besteedt ook aandacht aan het creëren van banen: “Voor de zeven prioritaire ontwikkelingspolen zijn de aspecten toerisme, vrijetijdsbesteding en logistiek van fundamenteel belang.
 
Het polycentrisme – of de ‘meerpoligheid’ – is een ander belangrijk thema in het GPDO: “We zien zones die het toelaten het Brussel van morgen te beschouwen als een verzameling van polen en niet als een ontwikkeling in concentrische cirkels. Dit is waar voor de huisvesting en het is al even waar op het gebied van mobiliteit. Een polycentrische werkwijze geeft een nieuwe visie op mobiliteit, omdat de verplaatsingen niet meer in één richting naar het centrum zullen gaan, maar eerder meer verspreid over het hele gewest zullen gebeuren. Dat behoort allemaal tot één en dezelfde visie.
 
Die visie wordt uitgewerkt binnen een territoriaal platform: “Gezien het belang van de territoriale ontwikkeling stelt het GPDO voor om nog een stap verder te gaan en een platform te creëren dat veel meer instellingen dan het ATO zou groeperen, met een luik voorafgaand aan de planning en vooral, in het verlengde, een groot openbaar operationeel instrument voor de ontwikkeling van deze zones, zoals er vandaag nog geen bestaan. Geen nieuwe instelling, maar een fusie van bestaande instrumenten.
 
Lees het artikel ‘Prioritaire zones: waar het gezicht van Brussel zal veranderen’, gepubliceerd door BECI (interview door Emmanuel Robert).